donderdag 27 juni 2013

Appelstroop. Al uw vragen. Al onze antwoorden.

Appelstroop. We kennen dit zoete broodbeleg (welbeschouwd broodsmeersel) allemaal. Maar wie heeft het eigenlijk uitgevonden? En wanneer? En waarom staat er op de verpakking altijd 'rinse' voor? Is er dan ook andere appelstroop? En wat betekent rinse eigenlijk?

Op deze prangende vragen geeft Donuts en tosti's, het toonaangevende foodblog met etc., antwoord. En daar blijft het niet bij. Want wist u dat appelstroop (ook de rinse) voor veel meer dan alleen de boterham gebruikt kan worden? Nee? Dat dachten wij al. Lees dus vooral verder; er zal een wereld voor u opengaan.


Hoe het begon, en vervolgens compleet uit de hand liep

Hoewel ze vooral als nogal strijdlustig bekend staan, waren de Germanen ook zeker zuinig van aard. Zo vonden ze het zo'n tweeduizend jaar geleden een goed idee om appels die er niet zo fris meer uitzagen niet aan de zwijnen te voeren, maar voor zichzelf te gebruiken. Ze kookten de appels in brede, ondiepe potten, tot alle vocht verdampt was. Wat overbleef was een moes die maar liefst voor de helft uit suiker bestond. En ziedaar: een wereld(s) recept was een feit. Door het hoge suikergehalte was de moes niet alleen heel geschikt om allerlei gerechten zoet(er) te maken, hij was ook heel lang houdbaar. Heel handig, want Froedwin Germanus was er immers nog niet aan toegekomen om een koelkast uit te vinden. Het recept bleek zo doeltreffend dat zelfs heden ten dage niet veel aan het productieproces veranderd is. Oké, voor de potten zijn gigantische ketels in de plaats gekomen, en berenvellen hebben plaatsgemaakt voor wat moderner werkkleding, maar u begrijpt wat we bedoelen. Zelfs de samenstelling is vrijwel ongewijzigd. Er zitten wel wat extra ingrediënten door de hedendaagse appelstroop, maar die mogen geen naam hebben. Of eigenlijk wel, want dat is verplicht, maar kijk maar eens op het etiket en u zult zien dat we niet uit onze nek kletsen.

Hoewel...

Hoe zit het toch met de bewering dat er zo veel ijzer in appelstroop zit? Goed dat u dit vraagt. Appelstroop bevat inderdaad een behoorlijke hoeveelheid ijzer (8 - 20 mg per 100 gram). Appels bevatten echter vrijwel geen ijzer, dus we moeten de bron ergens anders zoeken. IJzeren ketels (die tijdens het koken ijzer zouden "afstaan" aan de appels) zijn het niet, want voor de productie van appelstroop zijn deze nooit gebruikt. Eerst werden appels in eerdergenoemde Germaanse potten gekookt, daarna in koperen ketels, en later in ketels van roestvast staal. Ook de leuke nostalgisch ogende blikjes die nog steeds in supermarkten verkrijgbaar zijn, staan niet stiekem op te lossen in de appelstroop. Nee het antwoord is, heel eenvoudig, suikerbieten. Dit wortelgewas is heel rijk aan ijzer. Men maakt er sap van, dikt dat in, en voegt dat in een verhouding van ongeveer - schrik niet - 30/70 aan de appelstroop toe. Dus op de keper beschouwd doen we geen appelstroop, maar suikerbietenstroop op ons brood.



The plot thickens...

En dan nu een kwestie die velen bezighoudt: rinse appelstroop. Altijd weer die toevoeging 'rinse'. Waarom? Na diepgaand onderzoek blijft dit ook voor ons een raadsel, maar wanhoop niet; er is wel enig licht in de duisternis te werpen. Om te beginnen de betekenis van het woord 'rins'. Rins betekent niets anders dan fris-zuur of zoet-zuur. 'Rins' werd al in de 13e eeuw gebruikt om fris/zoet-zure etenswaren mee aan te duiden. In eerste instantie voor wijn ('rins' is waarschijnlijk afgeleid van 'Rijn', dus denk aan Rijnwijn), later werd het ook voor bijvoorbeeld fruit gebruikt. En zo komen we weer terug bij ons onderwerp: appelstroop. De appel is zuur, de suikerbiet zoet, gooi ze samen in een potje en je hebt een zoet-zure, rinse lekkernij voor op brood. Tot zover duidelijk. Wat wij ons nu echter afvragen is waarom de toevoeging 'rinse' nog steeds wordt gehanteerd. Alle appelstropen bestaan tegenwoordig immers uit appels en suikerbietensap. Er zijn wel varianten die meeliften op het succes van appelstroop en daar staat geen 'rinse' op het etiket, maar op de verpakking van gewone appelstroop vinden we de toevoeging altijd terug.



Enfin, we doen het er mee en echt schokkend is het allemaal niet. U weet nu tenminste van de hoed en de rinse, en de appelstroop smaakt er niet minder om.

Enkele leuke/handige/nuttige toepassingsmogelijkheden van appelstroop
  • op de pannenkoek
  • als dip voor (oude) kaasblokjes (waarschijnlijk alleen populair onder zwangere vrouwen)
  • door de vla
  • als sausbinder (twee eetlepels, samen met een scheut rode wijn bij vleesvocht ← bah)
  • over appel/rozijnencake die net uit de oven is

En ten slotte natuurlijk: op de boterham. We beperken ons hier tot het tonen van een eerder bereide boterham-met-appelstroop. De andere suggesties zijn ons namelijk te veel werk.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen